Over deze oefentoets
Deze oefentoets combineert opnieuw regels uit de hele lessenreeks, in een andere volgorde en met andere zinnen dan de vorige oefentoetsen. Zo blijf je alle regels herhalen — zwak en sterk, de ’t kofschip-regel, en de onregelmatige werkwoorden.
Twijfel je bij een item? Ga terug naar de bijbehorende les via het menu bovenaan de pagina en lees de uitleg nog eens rustig terug.
Gemengde verleden tijd en voltooid deelwoord
Opdracht 1Vul steeds de juiste vorm van het werkwoord tussen haakjes in.
1. Ik (tikken) op het raam.
2. Wij hebben de planten water (geven).
3. Hij (zitten) de hele dag binnen.
4. Zij (studeren) rechten in Leiden.
5. Ik heb die vraag al (beantwoorden).
6. Wij (liggen) op het strand.
7. Ik (willen) het je eerder vertellen.
8. Hij heeft de kast (in elkaar zetten).