Les 3 van 6 · Bijvoeglijk gebruikt deelwoord

Spellingregel 1: zo kort mogelijk

Een bijvoeglijk gebruikt VD schrijf je met maar één t of d.

Spellingregel 1: zo kort mogelijk

Een bijvoeglijk gebruikt VD schrijf je met slechts één t of d.

Voorbeeld: Het gelande vliegtuig staat inmiddels stil.

Vergelijk dit met de persoonsvorm in de verleden tijd: Het vliegtuig landde op Schiphol. (met dubbele d, want dat is de persoonsvorm — een heel ander woord met een heel andere regel).

Onthoud

‘Zo kort mogelijk’ betekent: schrijf maar één t of d.

Uitzondering

Soms klopt de uitspraak niet meer als je maar één t of d gebruikt. In dat geval schrijf je wél tt of dd.

Voorbeeld: De verrotte peer ligt in het gras. Met maar één t zou je de klank /oo/ lezen in plaats van de klank /o/, en dat klopt niet met ‘verrotten’.

Vul het bijvoeglijk gebruikte VD in

Opdracht 1

Vul het bijvoeglijk gebruikte VD in. Let op de spelling.

1. We schaatsten op een (verlichten) ijsbaan.

2. De (bevrijden) vogels vlogen snel weg.

3. De (pesten) jongen kwam ineens voor zichzelf op.

4. Druppels van de (spatten) zeepbel kwamen in mijn oog.

5. Door het (verzetten) uur klopt mijn slaapritme niet meer.

6. De (printen) folders kunnen worden verspreid.

7. Er kunnen meer voertuigen over de (verbreden) weg.

8. De met verf (bekladden) muur wordt gereinigd.

9. De (uitvergroten) foto hangt daar mooi.

10. Het (redden) kuikentje wordt later vrijgelaten.

11. Zet de schaal nu in de (verhitten) oven.

12. De boer keek bedroefd naar de (doden) schapen.

Hoe zeker voel je je over dit onderdeel?