Oefentoets 2 van 5 · Bijvoeglijk gebruikt deelwoord

Oefentoets 2

Alle regels over bijvoeglijk gebruikte deelwoorden door elkaar geoefend.

Over deze oefentoets

Bij elk woord staat tussen haakjes of je het voltooid deelwoord (VD) of het onvoltooid deelwoord (OD) nodig hebt, en of dat woord bijvoeglijk gebruikt wordt. Bepaal steeds welke regel van toepassing is.

Tip

Twijfel je? Ga terug naar de bijbehorende les via het menu bovenaan de pagina.

Alle vormen door elkaar

Opdracht 1

Vul de ontbrekende woorden in.

1. We zochten naar de (verliezen, bijv. VD) sleutelbos.

2. Gooi je (stinken, bijv. OD) sportkleding maar snel in de was!

3. (smeken, OD) om hulp klopte ze bij haar grootouders aan.

4. Je krijgt statiegeld voor de (leegdrinken, bijv. VD) beker.

5. Een (planten, bijv. VD) boompje groeit uit tot een boom.

6. (slapen, OD) op de bank hoorde hij ons niet binnenkomen.

7. De (hechten, bijv. VD) wond is nu aan het genezen.

8. Ze trapte op een (roesten, bijv. OD) spijkertje.

Hoe zeker voel je je over dit onderdeel?